Deze keer een bijdrage van gastblogger, Wies Rosenboom (hoofd Amateurkunst LKCA) over kunstbeoefening in de vrije tijd.
Koot en Bie maakten op onvergetelijke wijze school met hun 'oudere jongere', de oudere die weigert zich oud te voelen. Met mijn 59 jaar omschrijf ik mezelf als een 'jongere oudere'. En eentje die van dans houdt. Van moderne dans. Om naar te kijken, maar vooral ook om zelf te doen.
Ik moet er niet aan denken lid te worden van een ouderenclubje. Maar soms kan het niet anders. Al enkele jaren zoek ik naar een cursus moderne dans die is afgestemd op mijn energieniveau en mijn souplesse, want tussen twintigjarigen wil ik geen moderne danslessen meer volgen. Mijn benen komen niet meer zo hoog.
Een speciale cursus dus, maar in Amsterdam vind ik die niet. Logisch, want docenten zijn opgeleid om les te geven aan kleuters, pubers en jongeren. De SKVR in Rotterdam biedt speciale danslessen aan voor 50-plussers, maar dat is uitzonderlijk. Het algemene beeld is: jong, jonger, jongst.
De didactiek van lesgeven aan ouderen komt op docentenopleidingen, van welke discipline dan ook, nauwelijks aan bod. Studenten blijken ook maar mondjesmaat bereid om stage te lopen met ouderen. En neem de manier waarop de meeste dansscholen zich profileren via hun website. Met foto's van kleuters en achttienjarige meisjes in strakke balletkostuums. Voelt u zich dan, als 50-plusser, nog welkom?
Vreemd, eigenlijk. In 2015 zijn drie miljoen Nederlanders 65 jaar of ouder. Ouderen zijn de markt. Schrijfdocenten spelen met cursussen in het schrijven van levensverhalen wél enorm in op die vergrijzing. Professionals uit andere kunstdisciplines laten hier enorme kansen liggen!
Gelukkig is er verandering op til. Dinsdag was ik bij de ondertekening van het convenant 'Ouderen en cultuur' door de ministeries van OCW en VWS, dat de start vormt van het meerjarenprogramma 'Lang leve kunst'. Het LKCA is mede-initiatiefnemer. Het gaat om de bevordering van de cultuurparticipatie van 65-plussers. Eén doel is de verruiming van het kunstzinnige aanbod voor ouderen. Cursusaanbieders zouden (een deel van) hun lessen kunnen aanpassen aan deze groeiende doelgroep. Muziekscholen en creativiteitscentra kunnen ook 's morgens lessen verzorgen, en niet alleen op tijden dat het scholieren uitkomt. En kunstdocenten kunnen beter worden opgeleid in het lesgeven aan ouderen, want die leren nu eenmaal anders.
En dan kan deze jongere oudere zich misschien, over 6 jaar, eindelijk eens inschrijven voor een cursus moderne dans.
Bent u opgeleid om les te geven aan ouderen? En houdt u in uw kunstzinnige en educatieve aanbod rekening met de wensen en behoeftes 65-plussers? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat dit ‘cursusaanbod-op-leeftijd’ groeit? Deel uw ideeën in het netwerk Amateurkunst of in het netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.
Wies Rosenboom is hoofd Amateurkunst en lid van de Raad van Bestuur (a.i.) van het LKCA
vrijdag 21 juni 2013
Zou u zich welkom voelen?
Deze keer een bijdrage van gastblogger, Wies Rosenboom (hoofd Amateurkunst LKCA) over kunstbeoefening in de vrije tijd.
Koot en Bie maakten op onvergetelijke wijze school met hun 'oudere jongere', de oudere die weigert zich oud te voelen. Met mijn 59 jaar omschrijf ik mezelf als een 'jongere oudere'. En eentje die van dans houdt. Van moderne dans. Om naar te kijken, maar vooral ook om zelf te doen.
Ik moet er niet aan denken lid te worden van een ouderenclubje. Maar soms kan het niet anders. Al enkele jaren zoek ik naar een cursus moderne dans die is afgestemd op mijn energieniveau en mijn souplesse, want tussen twintigjarigen wil ik geen moderne danslessen meer volgen. Mijn benen komen niet meer zo hoog.
Een speciale cursus dus, maar in Amsterdam vind ik die niet. Logisch, want docenten zijn opgeleid om les te geven aan kleuters, pubers en jongeren. De SKVR in Rotterdam biedt speciale danslessen aan voor 50-plussers, maar dat is uitzonderlijk. Het algemene beeld is: jong, jonger, jongst.
De didactiek van lesgeven aan ouderen komt op docentenopleidingen, van welke discipline dan ook, nauwelijks aan bod. Studenten blijken ook maar mondjesmaat bereid om stage te lopen met ouderen. En neem de manier waarop de meeste dansscholen zich profileren via hun website. Met foto's van kleuters en achttienjarige meisjes in strakke balletkostuums. Voelt u zich dan, als 50-plusser, nog welkom?
Vreemd, eigenlijk. In 2015 zijn drie miljoen Nederlanders 65 jaar of ouder. Ouderen zijn de markt. Schrijfdocenten spelen met cursussen in het schrijven van levensverhalen wél enorm in op die vergrijzing. Professionals uit andere kunstdisciplines laten hier enorme kansen liggen!
Gelukkig is er verandering op til. Dinsdag was ik bij de ondertekening van het convenant 'Ouderen en cultuur' door de ministeries van OCW en VWS, dat de start vormt van het meerjarenprogramma 'Lang leve kunst'. Het LKCA is mede-initiatiefnemer. Het gaat om de bevordering van de cultuurparticipatie van 65-plussers. Eén doel is de verruiming van het kunstzinnige aanbod voor ouderen. Cursusaanbieders zouden (een deel van) hun lessen kunnen aanpassen aan deze groeiende doelgroep. Muziekscholen en creativiteitscentra kunnen ook 's morgens lessen verzorgen, en niet alleen op tijden dat het scholieren uitkomt. En kunstdocenten kunnen beter worden opgeleid in het lesgeven aan ouderen, want die leren nu eenmaal anders.
En dan kan deze jongere oudere zich misschien, over 6 jaar, eindelijk eens inschrijven voor een cursus moderne dans.
Bent u opgeleid om les te geven aan ouderen? En houdt u in uw kunstzinnige en educatieve aanbod rekening met de wensen en behoeftes 65-plussers? Hoe kunnen we ervoor zorgen dat dit ‘cursusaanbod-op-leeftijd’ groeit? Deel uw ideeën in het netwerk Amateurkunst of in het netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.
Wies Rosenboom is hoofd Amateurkunst en lid van de Raad van Bestuur (a.i.) van het LKCA
vrijdag 24 mei 2013
Culturele speelveldjes en andere burgerinitiatieven
Het lijkt erop alsof juist in deze tijd burgers zelf initiatieven ontplooien om cultuur op de kaart te zetten. Kent u particuliere initiatieven van burgers, bedoeld om de buurt, de wijk of de stad een culturele impuls te geven, of kent u mooie voorbeelden van verbindingen tussen sectoren? We lezen er graag meer over op LinkedIn in het netwerk Cultuureducatie of in het netwerk Amateurkunst.
vrijdag 5 april 2013
Kroonappeltjes in de amateurkunst
Dat amateurkunst belangrijk is voor de samenleving wisten we al. Maar door Kroonappels, een initiatief van het Oranje Fonds, wordt het belang ervan nog eens extra benadrukt. Met Kroonappels wil dit fonds ter gelegenheid van de troonswisseling de beste, succesvolste en leukste sociale initiatieven in het Koninkrijk laten zien. De beste projecten worden met een subsidie van 50.000 euro beloond.
Vanuit alle delen van Nederland én Curaçao is massaal gereageerd. Door sportverenigingen, buurthuizen en particulieren. En natuurlijk zijn er ook veel activiteiten aangemeld op het gebied van kunst en cultuur. Bij Studio 52nd in Amsterdam bijvoorbeeld maken kinderen uit kansarme wijken theater- en filmvoorstellingen met professionele makers. Kinderen krijgen een onvergetelijke succeservaring, en buurt en publiek zien zo een andere kant van de zogenaamde 'probleemjongeren'. 'Even geen rotjochie van de straat, maar een jonge ster in de spotlights', lees ik op de site.
De eerste stemronde zit er al op. Jammer dat op de website van Kroonappels niet meer alle ingediende projecten te zien zijn. Want dat gaf een indrukwekkend beeld. Nieuwsgierig zocht ik naar inzendingen uit mijn woonplaats Tilburg en uit Utrecht, waar het LKCA is gehuisvest. Zowel in Tilburg als Utrecht bestond een kwart van de activiteiten uit amateurkunst-initiatieven. De muurschilderingen van kinderen uit de Utrechtse Staatsliedenbuurt haalden de volgende ronde. Niet doorgegaan is CultuurShaker met jongeren uit internationale schakelklassen en vmbo-leerlingen die een knallend feest voor ouderen willen organiseren. Er zijn nu 60 finalisten en op 18 april worden de winnende kroonappels bekendgemaakt.
Is het erg dat veel amateurkunstinitiatieven niet in de prijzen zijn gevallen? Op zich niet, want de meeste projecten gaan gewoon door. Maar toch, zo'n prijs is natuurlijk wel een mooi duwtje in de rug en een erkenning voor wat je met z'n allen tot stand kunt brengen. Bovendien, kunst is bij uitstek een middel om jongeren eigenwaarde te geven en ze te laten meedoen. Ook voor Nederlanders met een andere culturele achtergrond en voor de groeiende groep actieve ouderen is deelname aan kunst en cultuur belangrijk, bijvoorbeeld om ouderen uit hun sociale isolement te halen. Ik hoop dus dat er ook na de uitreiking nog veel meer kroonappeltjes worden geplant en geplukt.
Duidelijk is in ieder geval dat miljoenen Nederlanders, vaak zonder dat ze dat zelf weten, aan amateurkunst doen. Om te laten zien wat hen drijft en welke bruggen zij slaan naar andere domeinen als welzijn, zorg en wonen, organiseren het LKCA en het Fonds voor Cultuurparticipatie op woensdag 15 mei de conferentie Kunst versterkt.
Subsidie of niet, amateurkunstprojecten gaan meestal toch wel door. Want actieve deelname aan kunst en cultuur verbindt. Het is belangrijk voor de persoonlijke ontwikkeling en onmisbaar voor maatschappelijke verbanden. Deelt u deze opvatting, of juist helemaal niet? Praat mee in het Netwerk Amateurkunst of in het Netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.donderdag 28 maart 2013
Kennis is macht
vrijdag 15 maart 2013
Zandkastelen vastgelegd in Het Cultuurnetwerk
vrijdag 8 maart 2013
It takes a village…
5 o'clockclass hele generaties kinderen en jongeren aangestoken met zijn hartstocht voor dans. In Rotterdam deden de regisseurs van het Rotterdams Wijktheater hetzelfde voor toneel. En ook componist Merlijn Twaalfhoven doet dat met zijn grote muziekprojecten. Wat mij betreft is het vermogen tot inspireren een aannamecriterium voor de docentenopleidingen in de kunstvakken. Wies Rosenboom, hoofd Amateurkunst LKCA
Wie zette u op het artistieke spoor? Wat was cruciaal voor úw culturele vorming? Vertel het als voorbeeld voor anderen in het Netwerk Amateurkunst of in het Netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.
vrijdag 22 februari 2013
Kwaliteit is... meer dan een invuloefening
Er zijn twee woorden die mijn werkzaamheden sinds het begin van dit jaar hebben bepaald. Weet u welke ik bedoel? Ik laat u niet in spanning. Het gaat om 'afstemmen' en 'kwaliteit'. En dat verbaast u waarschijnlijk niet.
Twee organisaties samenbrengen die in verschillende kennisgebieden werkten, vergt grondige afstemming. Concreet houdt dit in dat mijn managementteam, mijn medewerkers en ikzelf stevig overleg voeren om te zorgen dat onze projecten elkaar niet overlappen, maar juist versterken. En verder: Welke nieuwe kennis gaan we ontwikkelen, en met wie? Hoe maken we de beschikbare kennis over de culturele levensloop of de culturele infrastructuur zo goed mogelijk toegankelijk? En - heel praktisch – hoe voorkomen we dat niet alle grote conferenties in dezelfde maand georganiseerd worden? Kortom, aan het eind van dit afstemmingsproces moet er een samenhangend geheel van op kennis gerichte activiteiten liggen. Alles in goed overleg met belangrijke partners in het werkveld.
En dan kwaliteit. Een woord dat vermoedelijk iedereen van ons zo nu en dan bezighoudt. Want wie streeft geen kwaliteit na in zijn leven? Met dit begrip, in samenhang met de culturele levensloop, als deel van de LKCA-missie, wil ik zorgvuldig omgaan. Want waar gaat het precies om? Om kwaliteit als meetbaar begrip? Om kwaliteit die gebaseerd is op wat de klant van een product of dienst vindt? Om kwaliteit als concept zonder vaststaande inhoud? Iedereen wil beter, iedereen roept dat de kwaliteit omhoog moet, maar wat wil men dan precies?
Het is niet aan het LKCA voor te schrijven wat dé manier is om cultuureducatie of amateurkunst met kwaliteit te realiseren. Daar zijn immers verschillende opvattingen over. Wel zorgen we voor collectieve kennisuitwisseling over wat kwaliteitsvol gevonden wordt, via social media, in publicaties en met bijeenkomsten. Wat u verder van ons mag verwachten zijn gedegen informatie en analyses die bijdragen aan het kennisdebat. Bij dit alles is het belangrijk te bedenken dat kwaliteit om te beginnen af te meten is aan de plaats van cultuureducatie in het curriculum, de professionaliteit van docenten en de leeropbrengsten van leerlingen. En vervolgens aan de deskundigheid en betrokkenheid van schoolleiders, culturele instellingen, besturen, artistiek kader, community arts makers en beleidsbepalers.
Geïnspireerd nog door Valentijnsdag en de vraag 'Liefde is…' vraag ik u nu een keer om een stelling op LinkedIn, te beginnen met: 'Kwaliteit is…'
vrijdag 11 januari 2013
LKCA in de lucht!
Het was even spannend, en vooral heel hard doorwerken in december. En het is gelukt. Met ingang van het nieuwe jaar is het Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst, het LKCA, letterlijk en figuurlijk in de lucht! En zoals de Maya's eeuwen geleden al voorspelden, het einde van 2012 is niet het einde van de wereld, maar de start van een nieuw tijdperk met nieuwe kansen en uitdagingen.
Bijna alle medewerkers van het LKCA hadden vakantie en zijn maandag begonnen. We openden het jaar en ons nieuwe instituut met een feestelijk champagneontbijt. Dit vooral omdat lang niet iedereen elkaar al kent. Tijdens het ontbijt zag ik velen nader kennismaken en enthousiast ideeën uitwisselen. Onze huisstijl werd gepresenteerd en iedereen kreeg nieuwe visitekaartjes. En na afloop moesten sommigen al direct door naar hun eerste LKCA-vergadering. Binnen een paar uur waren we hard aan het werk alsof we niet anders gewend waren. Tijdens het ontbijt heb ik het mijn medewerkers al gezegd en ik herhaal het hier graag: je kunt pas echt beginnen als alles werkt. En dat deed het maandag. Zo'n snelle overgang naar een nieuw instituut was niet mogelijk geweest zonder de enorme inzet van een klein aantal mensen die altijd achter de schermen actief zijn. U kent ze waarschijnlijk niet. Als u bijeenkomsten van Kunstfactor of Cultuurnetwerk bezocht, kwam u daar vooral onze inhoudelijke projectleiders, projectmedewerkers en adviseurs tegen. Maar juist de medewerkers die de bureaus plaatsten, kasten verhuisden, computers aansloten, snoeren aanlegden, zorgden dat de e-mail werkte, dat de website al in de lucht is, dat we al visitekaartjes hebben en dat de grootste verhuisrommel opgeruimd was, juist hen heb ik bedankt voor hun inzet. Zij zorgden ervoor dat wij allemaal direct aan de slag konden. En daar ben ik blij om. We hebben immers een druk jaar voor de boeg. Wat we vorig jaar juli in het Activiteitenplan omschreven, is door ons de afgelopen maanden omgezet naar een intern werkplan met beschrijvingen van alle projecten die we gaan aanpakken. Prioriteiten zijn onder meer de infrastructuur voor cultuureducatie en amateurkunst, kwaliteit en samenhang in de amateurkunst en cultuureducatie in het hart van het onderwijs. Voor mijzelf betekent dit dat ik me nu en ook straks bezighoud met Cultuureducatie met Kwaliteit. Ik zeg expres straks, want het eerste half jaar ben ik werkzaam als interim directeur, ervan uitgaand dat de Raad van Toezicht op 1 juli een nieuwe directeur kan aanstellen. Ik ga dan ook door met mijn blogs zoals ik dat bij Cultuurnetwerk Nederland deed. Maar, wel met een breder onderwerp: cultuureducatie EN amateurkunst!





